« Terug naar het overzicht
Verzekeraars moeten schoon schip maken
Herman Bouter
26-2-2011

Onlangs maakte De Nederlandsche Bank de speerpunten voor het toezicht in 2011 bekend. Een belangrijke doelstelling van de toezichthouder is om lessen te trekken uit de kredietcrisis en de financiële sector weerbaarder te maken tegen toekomstige stormen. Een opvallend speerpunt is het toezicht op strategie en gedrag.

Onlangs maakte De Nederlandsche Bank de speerpunten voor het toezicht in 2011 bekend. Een belangrijke doelstelling van de toezichthouder is om lessen te trekken uit de kredietcrisis en de financiële sector weerbaarder te maken tegen toekomstige stormen. Een opvallend speerpunt is het toezicht op strategie en gedrag.

Herman Bouter

Een belangrijke les uit de kredietcrisis is dat het toezicht ook meer toekomstgericht moet worden. De Nederlandsche Bank (DNB) kijkt daarbij uitdrukkelijk naar de bedrijfsmodellen en strategie van banken en verzekeraars. De instellingen moeten onder andere antwoord geven op de vragen: hoe de instelling haar klanten behoudt, is het verdienmodel houdbaar en hoe positioneert zij zich ten opzichte van de concurrentie? Tevens zal gekeken worden of de bezittingen van de instelling niet teveel uit één soort bestaan, zoals bijvoorbeeld hypotheken die voor een belangrijk deel gefinancierd worden met deposito’s en spaargeld. Daardoor kan het risico te groot worden en neemt de kans op een faillissement flink toe.
Ik kan mij niet aan de indruk onttrekken dat deze benaderingswijze het gevolg is van de evaluatie van het faillissement van DSB. De DSB was een vreemde eend in bankenland. Zij had meer de karakteristieken van een tussenpersoon die graag tot het establishment van de banken wilde behoren.
Schoorvoetend heeft DSB een bankvergunning gekregen, maar de transformatie van tussenpersoon naar bank, waar DNB op aan had gedrongen, is nooit echt goed van de grond gekomen. Toen duidelijk werd wat de handelspraktijken van de DSB waren, ging het snel bergafwaarts met uiteindelijk een faillissement tot gevolg.
De toezichthouder maakt zich in dit licht zorgen over de levensverzekeringsmarkt, waarin een overcapaciteit lijkt te zijn. Deze overcapaciteit is mede het gevolg van de introductie van het fiscaal gunstige banksparen. Blijkbaar kiezen veel particulieren liever voor een bankspaarproduct dan een levensverzekering. Hoe zou dat toch komen? De woekerpolisaffaire heeft duidelijk gemaakt dat verzekeraars jarenlang te hoge kosten bij beleggingsverzekeringen hebben berekend. Waarom zouden verzekeraars anders bereid zijn akkoorden te sluiten en een deel van de schade te vergoeden? Een deel van de schade, want er zijn deskundigen die de schade begroten op circa € 20 miljard, terwijl de woekerpolisakkoorden in totaal niet meer dan € 2,5 miljard hebben vergoed.
Deze affaire heeft blijkbaar zoveel kwaad bloed gezet dat klanten met een grote boog om verzekeraars heen lopen. Wat is het alternatief voor levensverzekeringen? Inderdaad bankspaarproducten, waarvan de kosten veel transparanter zijn. De mogelijkheid van banksparen is bij wet gecreëerd om de concurrentie op de levensverzekeringsmarkt te vergroten met als doel verlaging van de hoge kosten van levensverzekeringen. Dat doel wordt ook bereikt. Levensverzekeringsmaatschappijen bieden nu verzekeringen aan met een dermate lage kostenstructuur dat de toezichthouder zich nu zorgen maakt hoe lang zij dit kunnen volhouden, zonder dat zij financieel in de gevarenzone komen. Het probleem van de verzekeringsmaatschappijen is echter niet zozeer de prijs, maar het gebrek aan vertrouwen. Dat is naar mijn mening alleen te herstellen door echt schoon schip te maken. Niet alleen vanaf heden, maar ook over het verleden.