« Terug naar het overzicht
Nooit een eerlijke kans voor levensloop
Herman Bouter
16-7-2011

Op 4 juni heeft minister Kamp van Sociale Zaken een brief naar de Tweede Kamer gestuurd met informatie over de in het regeerakkoord aangekondigde vitaliteitsregeling. De levensloopregeling en het spaarloon zouden geïntegreerd moeten worden in de deze nieuwe regeling.

Op 4 juni heeft minister Kamp van Sociale Zaken een brief naar de Tweede Kamer gestuurd met informatie over de in het regeerakkoord aangekondigde vitaliteitsregeling. De levensloopregeling en het spaarloon zouden geïntegreerd moeten worden in de deze nieuwe regeling.

In de brief staat dat de spaarloonregeling per 1 januari 2012 ophoudt te bestaan. Daardoor kunnen werknemers die hiervan gebruik maken niet langer € 613 belastingvrij sparen en zijn zij over dit bedrag inkomstenbelasting verschuldigd. De extra belastingopbrengsten worden gebruikt voor de financiering van de tijdelijke verlaging van de overdrachtsbelasting van 6 naar 2%. De opbrengsten daarna zullen gebruikt worden voor de financiering van de vitaliteitsregeling. Blijkbaar is dat wat dit kabinet onder integreren (van het spaarloon) verstaat.

Daarnaast concludeert Kamp dat de levensloopregeling niet beantwoordt aan de verwachtingen. In plaats van de verwachte 3 miljoen deelnemers is de teller in 2010 op nog geen kwart miljoen deelnemers blijven steken. Daarnaast was de achterliggende gedachte van de levensloopregeling dat deelnemers verlof op kunnen nemen voor de verzorging van (jonge) kinderen of hulpbehoevende ouders, zodat zij in staat zijn langer door te werken. Uit de evaluatie van de levensloopregeling uit 2009 (!) blijkt dat meer dan de helft van de deelnemers  de levensloopregeling willen gebruiken voor vroegpensioen. Dat is volgens de brief van Kamp niet wenselijk in een periode waarin de beroepsbevolking als gevolg van de vergrijzing in snel tempo afneemt. Hierdoor zal personeelskrapte op de arbeidsmarkt ontstaan, die dit kabinet wil oplossen door mensen langer te laten werken. Vandaar de verhoging van de aow-leeftijd en de aanvullende maatregelen voor het pensioen. Er wordt met zoveel worden gezegd dat de levensloopregeling zal worden afgeschaft. De vraag is waarom de levensloopregeling geen succes is geworden? Heeft de levensloopregeling überhaupt wel een eerlijke kans gekregen? Ik ben bang van niet.

Allereerst zijn veel mensen verknocht aan het spaarloon. Een aantrekkelijke fiscale spaarmogelijkheid ten opzichte van een nieuwe nog onbekende regeling. Daarnaast wordt ruim 5 jaar na invoering van de levensloopregeling min of meer aangekondigd dat de levensloopregeling wordt afgeschaft. De grilligheid van de wetgever zal veel mensen niet snel voor een nieuwe regeling enthousiast maken, waardoor die nieuwe regeling al bij voorbaat kansloos is. Bovendien getuigt het op zijn minst van naïviteit om de levensloopregeling af te schaffen omdat het merendeel van de deelnemers de regeling wil gebruiken voor vroegpensioen. In 2006 waren voor mensen geboren na 1 januari 1950 de VUT en het prepensioen fiscaal niet meer mogelijk. Tegelijkertijd raar, maar waar, werd door de levensloopregeling fiscaal de mogelijkheid geboden dit ‘vroegpensioengat’ te repareren. Dan is het niet zo vreemd als veel deelnemers van die mogelijkheid gebruik willen maken.

In de brief wordt een overgangsregeling voor de levensloopregeling aangekondigd. Daar blijft het vooralsnog bij. Voor de deelnemers is het maar te hopen dat zij de mogelijkheid houden het levensloopsaldo te gebruiken voor vroegpensioen. Dat zou in mijn ogen ook verstandig voor de overheid zijn, anders zal haar geloofwaardigheid en betrouwbaarheid nog verder worden aangetast.