Periodiek steekt het H-woord weer de kop op: de hypotheekrenteaftrek. Die is een aantal politici een doorn in het oog. Reden voor de terugkerende discussie is dat het totaalbedrag aan hypotheken eind jaren negentig explosief is gegroeid en de hypotheekrenteaftrek de Nederlandse Staat een aardige duit kost.
Het H-woord steekt weer de kop op
Periodiek steekt het H-woord weer de kop op: de hypotheekrenteaftrek. Die is een aantal politici een doorn in het oog. Reden voor de terugkerende discussie is dat het totaalbedrag aan hypotheken eind jaren negentig explosief is gegroeid en de hypotheekrenteaftrek de Nederlandse Staat een aardige duit kost.
Herman Bouter
De explosief gegroeide hypotheekschuld van Nederland is ook internationaal een bron van zorg. Het Internationaal Monetair Fonds dringt er al jaren op aan om de hypotheekrenteaftrek af te schaffen. De grote hypotheekschuld vormt namelijk een groot risico voor de Nederlandse economie. Wanneer het economisch slecht gaat zullen meer mensen met hun hypotheek in de problemen komen. Als dat aantal flink oploopt, komen ook de banken in de problemen en we weten inmiddels welke onzekerheden dat met zich mee brengt.
Het is dus heel begrijpelijk dat men de hypotheekrenteaftrek wil afschaffen om de totale hypotheekschuld naar aanvaardbare proporties terug te brengen. Daar wordt eigenlijk al heel lang aangewerkt. Dat begon in 1997 toen de hypotheekrente alleen nog aftrekbaar was voor zover de hypotheek was gebruikt voor het kopen, onderhouden of verbouwen van de woning. Daarvoor was de rente van hypotheken ook aftrekbaar als de hypotheek voor andere doeleinden was opgenomen.
In 2001 werd ingevoerd dat de hypotheekrente maximaal 30 jaar aftrekbaar was, waarbij die periode voor leningen die voor 2001 waren afgesloten begon te lopen vanaf 1 januari 2001. In 2004 volgde de bijleenregeling. Deze regeling dwingt de huizenkoper fiscaal de overwaarde van de oude woning als eigen geld in te brengen bij het kopen van een nieuwe woning. Doet hij dat niet, dan is de rente van dat deel van de hypotheek niet aftrekbaar. Ook hebben hypotheekverstrekkers onder druk van de overheid zichzelf aan banden gelegd met een Gedragscode Hypothecaire Financieringen. In de laatste versie mag grofweg maximaal de helft van de waarde van de woning aflossingsvrij verstrekt worden.
Kortom, de afschaffing hypotheekrenteaftrek is al lang begonnen en het verstrekken van volledig aflossingsvrije hypotheken is aan banden gelegd. Het is een kwestie van tijd voordat de totale hypotheekschuld zal afnemen. Dit is naar de mening van de president van De Nederlandsche Bank nog niet voldoende. Hij pleitte onlangs voor een fictieve aflossing voor nieuwe hypotheken. In wezen een oproep voor de revival van de lineaire of annuïtaire hypotheek. Wie daar geen gehoor aan geeft, voelt dat in de portemonnee doordat het fiscale voordeel van de hypotheekrenteaftrek door de fictieve aflossing afneemt. Daardoor zullen mensen fiscaal aangespoord worden de hypotheek ook daadwerkelijk af te lossen.
Politici hebben dit voorstel opgepakt en zien in tijden van bezuinigingen in de gedeeltelijke of gefaseerde afschaffing van de hypotheekrenteaftrek een oplossing om de overheidsfinanciën op orde te krijgen. Toezichthouders en overheid doen er echter goed aan het probleem gecoördineerd aan te pakken en niet verandering op verandering te stapelen, zoals nu wordt voorgesteld. Ook huizenkopers willen weten waar zij de komende jaren aan toe zijn. Er is al genoeg onzekerheid.
